|
Notitie bestuursaansprakelijkheid |
|
donderdag 07 augustus 2003 |
|
Pagina 1 van 2 Bestuurdersaansprakelijkheid bij verenigingen en stichtingen
Vooraf Deelname aan een bestuur, zeker van een kamermuziekvereniging of –stichting, betekent vaak veel plezier, eer en genoegen. Het werk is meestal beperkt en met het inzetten voor de goede zaak, de doelstelling en het uiteindelijke resultaat, wordt door menigeen invulling gegeven aan persoonlijke en maatschappelijke behoeften. In de loop der jaren is het maatschappelijk leven een stuk ingewikkelder geworden, zo ook het besturen van een rechtspersoon. Naast het plezier dat men aan een bestuursfunctie ontleent is men zich steeds meer bewust geworden van de tevens grote verantwoordelijkheid die men in zo’n functie heeft. Een verantwoordelijkheid die in uiterste geval kan leiden tot persoonlijke aansprakelijkheid. Met het toenemen van organisatorische en natuurlijk vooral financiële risico’s worden bestuurders geconfronteerd met tal van taken enverantwoordelijkheden die vooraf niet verwacht waren en waarvoor de bestuurders soms ook niet zijn toegerust. Besturen worden geconfronteerd met brandweervergunningen, aansprakelijkheid na ongeval van een vrijwilliger, financiële tekorten, fiscale en gemeentelijke regelgeving enz, enz. Het ‘leuk met kamermuziekavonden bezig zijn’ komt zo in een ander daglicht te staan. Willen vrijwilligers zich met verve blijven inzetten als bestuurslid van kamermuziekvereniging of –stichting, dan zal het wel en wee van verantwoordelijkheid en aansprakelijkheid voor iedereen duidelijk moeten zijn. Deze notitie bevat enige basisinformatie over bestuurdersaansprakelijkheid. Het is bedoeld als uitgangspunt voor een gesprek binnen de besturen van de kamermuziekorganisaties. Misverstanden en ongerechtvaardigde vrees voor bestuurdersaansprakelijkheid moeten zo weggenomen kunnen worden. Een gericht advies dat rekening houdt met de bijzondere omstandigheden van afzonderlijke verenigingen en stichtingen kan door de notaris worden gegeven.
|